Het schuldgevoel van een jonge moeder

Een gezonde zoon. Het is voor ons beiden bijna een jaar na dato nog steeds zó onwerkelijk om te beseffen dat we echt samen zo’n klein mannetje op de wereld hebben gezet.

Voordat ik zwanger werd, had ik niet zoveel met kinderen. Tuurlijk, schattig en aandoenlijk vond ik sommige kinderen wel. Ik kon alleen echt niet begrijpen hoe alle moeders die ik om mij heen zag hun hele leven volledig toewijdden aan zo’n klein mensje. Totdat je bevalt en alle clichés niet voor niks clichés blijken te zijn. Niet meteen hoor, in het begin vond ik het vooral overleven op (heul) weinig slaap, veel pijn en het feit dat er constant een nieuw mensje is die opeens door jou en je partner verzorgd moet worden. 

Voordat ik zwanger werd was ik stellig. Ik blijf 4 dagen werken!

Die roze wolk tijdens de kraamtijd waar iedereen het over had ging aan mij voorbij. Maar na een aantal maanden, als de storm is gaan liggen en je een beetje leert hoe dat ouderschap werkt, dan komt als het goed is iets wat ik graag “het moment” wil noemen. Het moment waarop je plotsklaps zó verliefd wordt en je tegelijkertijd zo kwetsbaar maakt. Het moment van onvoorwaardelijke liefde, waarbij jijzelf er niet meer toe doet en je jezelf (oh de ironie) volledig in het teken wilt stellen van zo’n klein mensje. O ja, het is ook het moment waarop het eeuwige schuldgevoel als moeder ontstaat. Nee, dat vertelt niemand je er even bij voordat je kinderen krijgt. Het eeuwige schuldgevoel wat getriggerd wordt door de meest belachelijk futiele dingen als op je telefoon zitten terwijl je kind naast je zit. Het schuldgevoel over een uurtje gaan sporten en een keer je nagels doen. En vooral dat schuldgevoel is iets wat opkomt als het gaat om werk. Nogmaals, voordat ik zwanger werd was ik stellig. Ik blijf 4 dagen werken! Ik wil carrière maken! Ik snapte alle thuisblijfmoeders niet, waar bestaat de rest van hun identiteit dan uit behalve het moederen?

Het klonk als een droom. Totdat die dag daar kwam en het schuldgevoel insloeg als een bom.

Toen mijn zoontje net geboren werd en ik bedolven werd onder de luiers, flesjes en slaapjes keek ik stiekem ook wel weer uit naar mijn baan. Een dag je een normaal mens voelen, waar je kan kletsen over andere zaken als slaapjes en flesjes met collega’s onder het genot van een kop warme, dampende koffie. Het klonk als een droom. Totdat die dag daar kwam en het schuldgevoel insloeg als een bom. Ik had het nog makkelijk, ik moest mijn kind overdragen aan de oma’s en opa’s, die met open armen stonden te trappelen voor onze deur. Maar toch, ik kon op mijn eerste werkdag nergens anders aan denken dan aan dat kleine ventje en hoe ik zijn geur miste. Ik heb zelfs gekscherend tegen mijn man gezegd dat het thuisblijfmoederschap misschien toch wat voor mij zou kunnen zijn. 

Maar er is ook goed nieuws. We zijn nu krap een jaar verder en ik heb de balans weten te vinden. Ik hoef niet meer elke minuut van de dag te checken hoe het gaat, ik kan mij weer concentreren op het werk zonder dat ik elke 5 minuten foto’s van een slapende baby op m’n telefoon bekijk en ik kan me na een dag werken echt voldaan voelen als therapeut en het feit dat ik misschien een heel klein verschil heb kunnen maken in iemands leven. En dan aan het einde van de dag kriebels in je buik hebben als je die kleine weer in je armen kunt sluiten. Heerlijk.

Zoe Juliard (1994) is psycholoog bij Haas & Velleman Psychotherapiepraktijk. Zoe is momenteel lid van de het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap (NIK) en moeder van Ezra (2020).

Meer lezen van Zoe of andere columnisten van Freyda?

Klik hier

Close
Chat